Verdere verdieping met Oeloem al-Qur’an, deel II
Op het moment dat men de Qur’an gaat bestuderen, komt men er achter hoeveel kennis in de Qur’an te vinden is, kan men de Qur’an beter begrijpen, kan de Iman (geloof) vermeerderd worden en krijgt men de teksten van de Qur’an aangedragen op het moment dat de niet-gelovige in de aanval gaat. Hierbij is het van groot belang om te weten hoe de Qur’an is opgebouwd, onder meer door kennis op te doen van de Mekkaanse en Medinische Ayat (verzen).
Mekkaanse Ayat
Wil men de Qur’an begrijpen, is het van groot belang om de indeling te bestuderen, te weten en te onthouden in Mekkaanse en Medinische Ayat. Bij de Mekkaanse verzen moet men begrijpen dat deze Ayat zijn geopenbaard vóór de Hidjrah naar Medina. Deze Ayat zijn met name bedoeld om de Tawhid (het Islamitisch monotheïsme) uit te leggen, want het is de kern van het geloof. Deze Ayat zijn vaak te lezen in kortere, krachtige bewoordingen. Na de Hidjrah worden de geopenbaarde Ayat Medinische (Medinese) verzen genoemd. Deze Ayat behandelen de wetgeving gedetailleerd, de sociale regels en de opbouw van de gemeenschap. Deze laatste Ayat zijn ook meestal langer en samen met de Mekkaanse Ayat’s wordt de Qur’an gevormd.
Volgens de gegevens zijn de Mekkaanse Ayat geopenbaard in de periode tussen 610 en 622 n. Chr.) en de centrale thema’s zijn het geloof in één God (Allah (Subhanahu wa ta’ala)), het paradijs en de hel, Profetische verhalen en de kritiek op afgoderij. Aangezien het vaak korte Ayat’s waren, zijn ze krachtig, poëtisch en emotioneel. De Mekkaanse Ayat zijn geopenbaard voor de mensheid in het algemeen en gebeurde op een moment dat de moslims een vervolgde minderheid waren. Volgens bepaalde gegevens zouden de Mekkaanse Ayat ongeveer 19 / 30ste deel van de Qur’an vertegenwoordigen.
In de Ayat van Mekka zijn een aantal thema’s terug te vinden. Zo is in de Mekka verzen de Tawhid te vinden - ofwel de oproep tot de zuivere aanbidding van Allah (Subhanahu wa ta’ala) - wat gebeurt door het bevestigen van Zijn Namen en Attributen en door het ontkennen van de valse goden en idolen. Daarnaast gaat het om het vestigen van de Aqeedah (geloof), wat gebeurt door het geloof te bevestigen in de Profeetschap, Engelen, de eerdere Boeken en de Dag des Oordeels. Vervolgens is een belangrijk punt dat door deze Ayat de moraliteit gevestigd werd, onder meer door oproep van goed gedrag, respect voor de bezittingen van de wees en dat meisjes goed behandeld moesten worden. Tenslotte werden verhalen van de eerdere generaties genoemd, met nadruk op de profeten en de beproevingen.
Medinische Ayat
Na de Hijrah worden de verzen dus Medinische of Medinese Ayat genoemd, waarbij het vooral ging over wetten, sociale regels, erfenis, Jihad en de relatie met andere religies. Het opvallende aan deze verzen is dat ze langer zijn, meer verhalend maar zeker ook gedetailleerder. Tevens worden met de Medinische Ayat de gelovigen aangeroepen, daar de verzen geopenbaard werden voor de Oemmah (gevestigde moslimgemeenschap) in Medina.
Ook in deze Ayat zijn een aantal kenmerken te noemen, zoals het aanvullen van de rituelen van aanbidding, zoals het aantal Rak'ahs van het gebed, het vasten, de Zakaat en de Hadj. Daarnaast zijn de wetten aangaande de leiders en familie uitgelegd en sociale wetten. Hierbij valt te denken aan de Jihad, huwelijk, de erfenis, de wetten over de houding van de staat in de tijd van oorlog en vrede en hoe de staat zich moet verhouden tegenover andere religieuze groeperingen, zoals de Joden en de Christenen. Met deze Ayat worden andere gelovigen uitgenodigd om te bekeren naar de Islam door de tekortkomingen in de andere religies te laten zien. Ook worden de details over Bani Israel besproken en hoe Allah (Subhanahu wa ta’ala) omging met hun verraad en ongeloof. Tenslotte wordt er gesproken over de blootstelling aan de complotten van de Hypocrieten.
De indeling van de Ayat
Volgens de gegevens zouden er 3 definities zijn om de verdeling van de verzen van Mekka en Medina te kunnen aantonen, namelijk de tijd van openbaring, de plaats van openbaring en tot wie de Aya is gericht. Echter, deze indeling in 3 definities is niet helemaal waterdicht, wordt gemeld.
Als men kijkt naar de tijd van de openbaring, wordt de Hijrah van de Profeet Mohammed (Sallallahu alaihi wa sallam) als factor van scheiding genoemd. Hierbij zou dan het een Mekka Aya zijn als het vóór de Hijrah is geopenbaard en een Medina Aya als het ná de Hijrah is geopenbaard. Bij deze definitie wordt geen aandacht geschonken aan de plaats van openbaring, zoals de Aya over de inname van Mekka als Medina wordt beschouwd bij deze definitie.
Kijkt men naar de plaats van openbaring dan is een Aya dat in Medina is geopenbaard een Medina vers en een geopenbaard Aya in Mekka een Mekka vers, ook als deze ná de Hijrah is geopenbaard. Maar wat hoe zou men dan een Aya noemen die niet in Mekka of Medina is geopenbaard?
Bij de derde definitie hanteert men het item tot wie het vers is gericht, zoals bij een vers dat bedoeld is voor de stam Quraysh of de ongelovigen van Mekka, wordt het een Mekka Aya genoemd. Gaat de Aya over de Hypocrieten of moslims in Medina, dan wordt het vers als een Medina Aya genoemd. Maar ook deze definitie is niet helemaal waterdicht, als men een vers leest in de Qur’an over mensen van het boek of een ander deel van de mensheid. Tenslotte kan het ook voorkomen dat de 3 definities gecombineerd worden, onder meer plaats en tijd is Medina, maar wordt er verwezen naar de ongelovigen in Mekka.
Belangrijk bij het achterhalen of een Aya een uit Mekka of uit Medina is, is het van belang om de overleveringen van Sahaba door te nemen of de werken van de geleerden te bestuderen. Er wordt hierbij gemeld dat een overlevering van de Sahaba boven een uitspraak van de geleerden gaat.